bij de bomma op vakantie

We mensen de dag door, zegt de psychiater. “De maakbaarheid van het leven achterna.” Met FOMO. Bang om ook maar iets te missen. Of iets niet te willen. Om dan te constateren dat we eigenlijk een rem en stilte nodig hebben.

De Wachter is geen fan van betalende stilte. Van dure wellness- en mindfulness-therapieën bijvoorbeeld. Die hij “een trendy vorm van rust voor ons to-dolijstje” noemt. Waarmee hij niet wil zeggen dat we die rust niet nodig hebben. Hij pleit al langer voor wat meer verveling en gewonigheid. Ook in zijn nieuwste boek, waarin staat:

Maar mindful leefden we vroeger al, zonder er bij na te denken. Gedwongen, omdat er geen alternatief was. We zaten aan de stoof om ons niksend op te warmen, namen de stoel om buiten op de stoep te zitten. Om wat te doen? Gewoon aandachtig niksen, om alles in ons op te nemen. Een blaffende hond. Het ruisen van de bladeren. En dan kwam de buur ook buiten en zette hij zijn stoel naast de jouwe. Soms werd er veel gezegd, soms weer niet. Zo ging dat ook aan de hengel. Vader en zoon samen aan het vissen. Het water vlak, nothing going on. De dobber als een stilleven. Naast hun voeten liggen de geroerbakte eieren van mamalief samen met de wormen in de visbak. Plots beweegt de hengel. ‘Kijk, papa!’ Vader haalt de lijn binnen, haalt het haakje voorzichtig uit de vis en gooit hem weer het water in. Zo gaat het even door. Terug thuis vraagt de vrouw: ‘En? Goed gevist?’ Het antwoord, kortweg: ‘Ja.’

uit Dirk De Wachter, De Wereld van De Wachter, Lannoo Campus, 2016, p. 127.

“Wat vandaag minimalisme heet, was toen Gewoon Zijn,” besluit hij.

We zijn generatiegenoten, de psychiater en ik. Met vergelijkbare herinneringen aan de stoof en de stoep. Want wat hij hierboven beschrijft, doet me denken aan het trage leven van toen ik bij ons bomma op vakantie ging. ‘Moest’ eigenlijk, al begrijp ik nog altijd niet waarom want mijn moeder ging niet uit werken. Niet dat ik het erg vond. Ik ging graag bij ons bomma logeren. Ook al was het een eindje rijden naar het dorp aan de taalgrens waar de tijd altijd trager liep dan thuis. En soms leek stil te staan. Het was er huiselijk en heel gewoon.

Voor de meelezende vijftigminners, schets ik even een achtergrondplaatje.

Jaren ’60. Een arbeidershuis in een godvergeten Vlaams dorp. Een huis met een ‘koer’, een moestuin en een boomgaard. Waar het toilet een ijskoud hokje in de schuur was. Zonder water. Een plank met een gat erin en een stapel vochtig krantenpapier.Waar de ‘goei plaats’ alleen gebruikt werd met Nieuwjaar of als rouwkapel. Waar het gewone leven zich afspeelde rond de Leuvense stoof, in het keukentje helemaal achteraan. Het verste der aangebouwde koterijen. Waar getrouwde nonkels elke dag na hun werk bij De Post of De Spoorwegen binnenkwamen om hun pint te drinken die klaar stond. Waar gediscussieerd werd over Eddy Merckx en Roger De Vlaeminck. En over de duiven. Want bompa en nonkel M. waren duivenmelkers. Stonden urenlang een gat in de lucht te turen. Zaten de halve zondag op hun zolder met zelfgerolde sigaretten. Waar je ’s morgens gewekt werd door de geur van uitgebakken spek en koffie met cichorei van Pacha. Waar urenlang rode potten stonden te pruttelen met soep of haan en veel patatten. En waar ik elk jaar opnieuw mocht meelopen in de Mariaprocessie. Als engeltje of bloemenmeisje.

Zo was het daar. En op droge zomeravonden verplaatste iedereen zich naar de stoep voor het huis. Namen we allemaal een stoel mee naar buiten en gingen we op een rij, rug tegen de muur, naar de straat zitten turen. En wij niet alleen. Huis voor huis gingen deuren open en kwamen stoelen naar buiten. Er werd gezeten, gekeken en gepraat. Gebreid, gehaakt of kousen gestopt. Gerookt. En soms kwam er een man of vrouw voorbij op een fiets. Op weg naar ‘de Walen’. Er werd altijd gegroet en soms bleef er ook een fiets staan, voor een praatje waar ik niets van begreep. Waalse dialecten waren Chinees. En dan haalde ons bomma de puntzakken boven. Zakken boordevol snoep. Zorgvuldig uitgekozen op de markt in de stad. En als we geluk hadden, kwam de bellende ijsboer langs in een aftands VW busje. Voor een ‘oreke mè choclat’.

En als het bijna donker was, trokken we met onze stoel weer naar binnen en met onszelf naar boven. Tevreden. Zonder FOMO. Zonder muizenissen.

Tenzij … je ’s nachts wakker werd en de herten op het slaapkamerbehang zag bewegen in het schijnsel van de straatlantaarn.

 

 

P.S. Links: een Leuvense stoof. Rechts: ik heb ons bomma nooit zien hinkelen, maar ik vond het wel een leuke foto om dit stukje af te sluiten. (foto’s Google Images)

26 gedachtes over “bij de bomma op vakantie

  1. O die stoof! Wat krijg ik daar een heimwee naar de keuken van mijn grootmoeder van! Maar weet je, bij ons in het dorp is een gezin, waar nog gekookt wordt op een echte Leuvense stoof. Un poêle de Louvain. Ik weet niet hoe die tot hier is geraakt.
    En wat beschrijf je dat mooi!

    Liked by 1 persoon

  2. Ja, daar was ik ook. Helemaal. Aan de Leuvense stoof van mijn grootvader hield ik een litteken over aan mijn linkerpols. Handje in het gloeiende oventje gestoken… dat aantrekkelijke klapdeurtje met bloemetjes op… Wat ben ik blij met de ideeën van een man als Dirk De Wachter en vooral ook met deze blogpost die me terugwerpt naar mijn kindertijd. Heerlijke lectuur!

    Liked by 1 persoon

  3. Pure nostalgie…mooi geschreven.
    Dat plaatje van de hinkelende oma kende ik al en onze kinderen hadden zo een oma.
    Die stond buiten touwtje te springen met de kinderen terwijl wij voor de koffie zorgden 😉 Leuke herinneringen voor de meiden van ons.

    Liked by 1 persoon

  4. Nostalgie ten top. Bompa die steevast na het middagmaal zijn hoofd op tafel lei en een slaapje deed … bomma altijd met iets bezig want vrouwenhanden mochten niet stilzitten … met kerst de vrouwen in de ‘goei plaats’ en de mannen in de dagelijkse eetkamer … Maar ook: als je naar het toilet moest (houten plank met gat) moest je door de stal waar in de winter de koeien stonden, zeer dicht bij de lange muur waar je langs moest … hier heb ik mijn angst voor koeien opgedaan!

    Liked by 1 persoon

  5. Oh wat een mooie blog!
    Ik was ook zo graag bij mijn bomma (mama van mijn mama), heb er zulke mooie herinneringen aan over gehouden. Ze leefde gewoon voor haar kinderen (moest er 11! helemaal alleen opvoeden) en kleinkinderen. We droegen haar op handen!
    Frietjes met “roze” mayonaise maakte ze altijd voor ons en stoofvlees met gehaktballetjes in, dat maak ik nu thuis ook! 😀

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s