de stoflongmetafoor

De stoflong van de 21ste eeuw. Dat is de metafoor die hoogleraar psychologie Paul Verhaeghe van de UGent gebruikt voor stress. Dezelfde metafoor die arbeidssocioloog Geert Van Hootegem hanteert voor burn-out in onze economie.

Een origineel beeld, vind ik. Omvattend, diepgaand. Origineler, omvattender en diepgaander dan de overvolle emmer, de doorgeslagen weegschaal, de brandstofmeter in het rood of de ballon die springt. Dat zijn duidelijke metaforen, maar ze focussen vooral op het individu. En zijn verantwoordelijkheid. Je moet de emmer maar zo vol niet doen! Je moet een weegschaal niet overladen aan de ene kant. Je tankt toch best op tijd – voor de wijzer in het rode vakje zit – en waarom stop je niet met blazen als de ballon op springen staat of je geen adem meer hebt? Terwijl de stoflongmetafoor van chronische stress en burn-out meer maakt dan het individuele probleem van iemand die (even of lange tijd) niet meer mee kan met de ratrace. Want werk zit altijd in een context en daar zijn doorgaans ook andere mensen en condities bij betrokken die niet noodzakelijk matchen met jouw persoonlijkheid.

Even googelen leert dat stoflong of pneumoconiose gedefinieerd wordt als een ‘chronisch probleem’, een ‘ziekte die ontstaat door’ (te) ‘lange blootstelling aan koolstof of gruis’. Dat is schadelijk voor je longen en die zijn nochtans van vitaal belang voor een lang en gezond leven. Te veel koolstof of gruis naar binnen trekken, kan leiden tot kortademigheid en zelfs hartfalen. Het enige wat je kan doen om de situatie enigszins te verlichten, is het fijne stof en het koolgruis mijden. Weg uit de verstikkende mijnschachten. Zorgen voor goede lucht. Zodat je weer wat beter kan ademen. Beter kan leven. Langer kan leven. Anders gaat leven. Gezonder en groener.

Het is wat ik herken in bijna alle burn-out verhalen die ik tot nu toe gelezen of gehoord heb. Het is wat ik zie in het mijne. Jarenlang stop je veel –  te veel? –  adem in je werk, maar in plaats van zuurstof, krijg je meer en meer stof en (g)ruis terug, dat zich binnenin vastzet zoals mos op takken. Dat aan je longen en je hart gaat kleven, zodat je in ademnood komt. Letterlijk en figuurlijk. Je gaat oppervlakkiger en sneller ademen, waardoor ook andere organen te weinig zuurstof krijgen. Die één voor één beginnen te sputteren. Tot er quasi niets meer werkt. Met een complete lockdown en shutdown als gevolg.

De dokter wordt erbij geroepen en zegt dat je onmiddellijk moet stoppen met werken. Dat je dat stof, die (g)ruis moet mijden. Weg moet van die verstikkende en ongezonde werkplek. Niet voor even maar voor lange tijd. En dat je naar buiten moet om frisse lucht op te snuiven. Zuivere lucht. Zuurstof. Zodat al wat sputterde een zuurstofinjectie krijgt. Een baxter, beter gezegd, die heel langzaam druppelt. Zodat je beetje bij beetje kan herademen. Op adem kan komen.

Stress, de stoflong van de 21ste eeuw. Burn-out, de stoflong van onze economie. Ik vind het een geslaagde metafoor.

 

3 gedachtes over “de stoflongmetafoor

  1. Echt een goeie metafoor! Inderdaad veel duidelijker dan de overlopende emmer. “Want dat had iedereen toch wel zien aankomen zeker?” Het doet deugd om te lezen dat ik niet alleen in het schuitje zit. Vanaf nu gebruik ik deze vergelijking ook. Misschien wordt alles zo net wat duidelijker voor de omgeving.

    Like

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s