sporen nalaten

(Joeng joeng! Vandaag al wat kluns-sporen verdiend hier. Vroeger zou ik dat aan het premenstrueel syndroom wijten, maar dat zou gezien mijn leeftijd wel heel laf zijn. Na wat geknoei omdat de knoppen van de WordPress backspace op mijn Smartphone en op mijn laptop anders geschikt zijn (en na Publiceren en weer Verwijderen en nog eens Publiceren en enkele behulpzame reacties van volgers), is hier dan toch de geplande versie van deze post over – o ironie van het lot – sporen nalaten.)

Naar de opstaansnormen van mijn huisgenoten ben ik een vroege vogel. Niets leuker dan op een vroege zomerochtend te voet naar het dorp te wandelen om iets na zevenen bij de bakker binnen te stappen voor zondagse pistolekes, chocolade- en rozijnenkoeken. Die liggen er dan nog in overvloed en bovendien heb je dan nog keuze zat aan bavarois, mousses of gewone vlaaien voor bij de koffie.

En elke zondag breng ik ook De Zondag mee. Editie De Rand en Brussel, terwijl wij hier, op amper 10 km van Leuven, helemaal niet in De Rand wonen en al helemaal niet geïnteresseerd zijn in wat er in een kelder in Grimbergen gebeurt. Maar soit. Ergens is er iemand die dat niet weet, te veel exemplaren van die De-Rand-en-Brussel-editie drukt en ze gemakkelijkheidshalve bij onze bakker dropt.

Maar soms levert een publicitaire dwaling ook stof voor een logje. Uit onverwachte hoek nog wel, want het was niet het juichende stuk over de Rode Duivels dat mijn aandacht trok, maar een piepklein artikeltje over De Vrienden van de Postzegel in Halle. Die elke maand een ruilbeurs houden voor postzegelverzamelaars.

Waar is de tijd dat we nog postzegels verzamelden en ze met een pincet netjes in zo’n dik groen of zwart boek achter van die flinterdunne blaadjes aanbrachten. Land per land. Met de nieuwe was dat kinderspel, maar die kon ik alleen maar kopen na een rondje nieuwjaarswensen bij de tantes. Dan maar tweedehands. Overal bedelen om postkaarten en enveloppen. Knoeien met zegels die je eerst van de kaart of envelop moest halen door ze te laten weken in een soepbord vol water. Die je dan als herfstbladeren te drogen legde tussen de bladen van de telefoongids of de Dikke Van Dale. Je moest er iets voor over hebben, vroeger.

Of Artis Historia punten. Ik heb ze jaren gespaard en dat ging met heel wat frustratie gepaard. Want mijn moeder verstond de kunst net die producten te kopen waarop geen punten stonden. Ik heb nooit begrepen waarom bloem van Imperial zoveel beter was dan die van Anco. De cake bij ons thuis – met Imperial bloem – was meestal aangebrand, de korst niet te eten, terwijl mijn tante met Anco bloem de lekkerste knoebelkesvlaai bakte. Of waarom ons waspoeder witter waste dan dat mét Artis Historia punten. En dus sloot ik een stiekem verbond met de tante. Want ik moest en ik zou de boeken hebben. Die over geschiedenis en cultuur. Over Egypte en Peru. Waar ik IRL toch nooit naartoe zou gaan – vliegangst, weet je wel. De punten moest je inruilen in zo’n onooglijk winkeltje in de Tiensestraat in Leuven. Ik mocht er alleen met de bus naartoe en glom van trots, telkens ik met een nieuw boek annex prentencollectie buiten stapte. En nadien kon ik uren met Velpon bezig zijn om alle prenten, zonder lijmsporen, op de juiste plaats te kleven. Zalige namiddagen waren dat.

Vandaag hebben de postzegels, Artis Historia punten en sigarenbandjes – ja, ook nog gedaan al heb ik geen flauw idee hoe ik eraan kwam – wat mij betreft, afgedaan. Plaatsgemaakt voor een in hoofdzaak bibliofiele verzamelwoede: boeken, tijdschriften en … recepten in een receptenschriftje. Kasten en manden vol heb ik. Een grote bibliotheekkast die, ondanks een verkoopaccount op Bol.com, nog altijd uitpuilt met jeugd- en volwassenenliteratuur. Her en der in en op andere kasten: tuin- en interieurboeken. En manden vol Landelijk Wonen, Country Homes and Interiors, Wonen Landelijke Stijl, Stijlvol Wonen, Tijdloos Wonen en Decoreren Landelijke Stijl. Duidelijker kan niet. En dan is er nog het receptenschriftje. Handgeschreven op gebroken wit, handgeschept papier. Met alleen huisbereide recepten. Voor stoofpotjes, cake, taart, bavarois, pannenkoeken, … Mijn nalatenschap aan de zonen.

De mens is van oudsher een verzamelaar en in dit huis van zeven ben ik dus niet de enige. Je kan al raden hoeveel ruimte hier wordt ingenomen door hypes en hoards allerhande: flippo’s, prullaria uit Kinderchocolade-eitjes, vislijnen, voetbal- en wielertruitjes, Panini stickers, DIY-gereedschap, stenen, Disneyboekjes, -knuffels, -videocassettes en -dvd’s, …

We lijken wel eksters. Of hamsters. Voorraadverzamelaars voor barre tijden. Al hebben we die dingen niet langer nodig om te overleven. Fysiek toch niet. Waarom doen we dan toch mee aan die bewaarcultuur? Rijk zullen we er niet van worden, want qua inruilwaarde stelt het allemaal niet veel voor. Esthetisch ook niet eigenlijk. Om orde te scheppen in ons kleine universum? LOL. Om toch over één ding overzicht en controle te behouden? Zou kunnen. Nostalgie en reconstructie-ijver zullen ook wel een rol spelen, denk ik. Een vleugje exhibitionisme en image-building misschien ook. Maar we blijven jagers. Altijd op zoek naar prooien. Ridders op queeste. Onderweg naar zin, naar eer en avontuur (of andersom), naar invulling, naar plezier, naar … . Hoe spannend als je kan uitkijken naar iets dat je nog niet hebt. En bovendien willen we – dat zeggen althans psychologen van het verzamelen – iets betekend hebben. Ook met onze verzamelingen. Tastbare bewijzen leveren van ons voorbijgaan op aarde. Ons tijdelijk verwijlen. Sporen nalaten dus. Zaadjes rondstrooien. Zoals de klaprozen in de berm langs de weg.

 

“When I leave this world, I’ll leave no regrets. Leave something to remember, so they won’t forget, I was here.” – Beyoncé

Als achtergrondinformatie las ik http://www.marketingfacts.nl/berichten/motivaties-achter-verzamel-en-hoardgedrag.

9 gedachtes over “sporen nalaten

  1. Mooie post alweer. Ik hoor bij die generatie van èn postzegel- èn artispunten verzamelaars. Die Artis punten zijn trouwens terug 🙂 maar deze keer doe ik daar niet mee aan mee. In zeer extreme vorm bestaat zoiets als verzamelwoede, gelukkig blijf ik daarvan gespaard al zou ik toch wat sneller dingen dienen weg te gooien, die ik echt niet meer nodig heb.

    Liked by 1 persoon

  2. Ik wil nog eens heel graag gaan ontspullen. En dan de hele zwik die ik al twee jaar of langer niet heb aangeraakt, zo in een container smijten. Gelukkig hoeft niet het hele huis tegelijk. Kast per kast is ook goed.
    Leuk als ik op de foto ga staan met mijn muis. Die klaprozen lichten alles op!

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s